“Stilte! Stilte! Stilte!” Woedend sloeg de man met de gleufhoed zijn schoen op de tafelrand. “We doen het anders,” liet hij er fluisterend op volgen. “Zij gaan elkaar te lijf. Wij zorgen ervoor dat zij elkaar te lijf gaan.” Veelbetekenend keek hij de mannen aan die al begonnen te morren omdat ze een mooie knokpartij aan hun neus voorbij zagen gaan. “Nee, nee, luister. Eerst gaan zij elkaar te lijf”. Hij schetste de chaos die daarop zou volgen. “Daarna vormen wij de vrijwillige ordedienst en rammen wij hen het erf af, Oudegrap uit.” Gerustgesteld knikten de mannen. Rammen. Matten. Knokken. Knuisten. Alleen die taal begrepen zij. Wel wilden ze betaald krijgen voor hun diensten. Geen probleem. Boer Braat haalde wat kleingeld uit zijn broekzak en wierp het nonchalant in een hoek van de kamer waarop de mannen elkaar als uitgehongerde hyena’s te lijf gingen. Na de buit eerlijk verdeeld te hebben slopen ze de deur uit, instructies volgden later. Boer Braat wreef zich de handen en warmde vergenoegd zijn kont aan de kachel. Gechoqueerd keek Drifters hem aan. Wika, toch al chagrijnig omdat ze haar schaamlippen niet zo lang geleden had laten bijknippen tot een playboyvagina terwijl ze net had gehoord dat de laatste mode juist oegandagrote labia voorschreef, kleurde rood van woede. Alleen de man met de gleufhoed bleef er stoïcijns onder. “De middelen heiligen nu eenmaal het doel, of is het omgekeerd?”
Maak ook kennis met werk van vriend/schrijver Leo D. Lichteberg http://www.lichteberg.nl
Geen opmerkingen:
Een reactie posten